• Jan Tinbergenstraat 193
  • 7559 SP Hengelo
  • The Netherlands

Basis Explosie Veiligheid

Gassen, dampen en nevels ontsnappen tijdens de productie, verwerking, transport en opslag van brandbare materialen in de chemische en petrochemische industrie, als ook bij de productie van aardolie en aardgas, in de mijnbouw en in vele andere sectoren.  Bij veel processen, met name in de voedingsindustrie, kunnen ook ontvlambaar stoffen ontstaan. Deze brandbare gassen, dampen, nevels en stof vormen een explosieve sfeer met de zuurstof van de lucht.  In het geval dat deze atmosfeer wordt ontstoken kan een explosie plaatsvinden die kan leiden tot ernstige schade aan het menselijk leven en eigendom. Om het gevaar van explosies te voorkomen, is er beschermende regelgeving in de vorm van wetgeving, specificaties en normen ontwikkeld in de meeste landen die moet zorgen voor een hoog niveau van veiligheid.

Vanwege de groeiende internationale economische verbintenissen, is er vooruitgang geboekt bij de harmonisatie van de regelgeving voor explosieveiligheid. De voorwaarden voor een volledige harmonisatie zijn in de Europese Unie opgenomen in de EG-richtlijnen 2014/34/EU en 1999/92/EC.  Als tegenhanger van de ATEX regelgeving bestaat er ook het IECEx certificeringsschema die wereldwijde dekking  tot doel heeft.

Binnen Europa is de ATEX regelgeving van toepassing. Wat is ATEX?

Op industriële werkplekken en in installaties kunnen explosiegevaarlijke omstandigheden voorkomen. Om werknemers, installatie, gebouwen en het milieu te beschermen tegen de risico’s van een explosie is er Europese regelgeving gemaakt. Beter bekend onder als de ATEX richtlijnen (ATmosphère EXplosible). Binnen Europa zijn er 2 Richtlijnen opgesteld met betrekking tot ATEX. Deze zijn verplicht voor gebruikers in Europa en zijn wettelijk verplicht vanaf 1 juli 2003.

1. ATEX 95 (Officieel de 94/9/EC) die eisen stelt aan apparatuur en de leveranciers hiervan. Vanaf 20 april 2016 zal deze richtlijn, na een overgangstermijn van 2 jaar, vervangen worden door de ATEX 114 richtlijn (Officieel de 2014/34/EU).

ATEX 114 is een ‘leveranciers richtlijn’. Hierin is vastgelegd waaraan apparatuur moet voldoen die toegepast wordt in explosiegevaarlijke gebieden. Apparatuur moet zo geconstrueerd zijn dat deze geen ontstekingsbron kan vormen.

De nieuwe ATEX richtlijnen vallen onder het Nieuwe wetgevingskader (NWK) die als doel heeft de bestaande regels aan te scherpen, aan te vullen en de praktische aspecten van de uitvoering en handhaving te verbeteren. Het nieuwe wetgevingskader (NWK) bestaat uit twee elkaar aanvullende instrumenten: Verordening (EG) nr. 765/2008 en Besluit nr. 768/2008/EG. Binnen deze twee instrumenten worden enerzijds de accreditatie en markttoezicht aangescherpt en anderzijds zaken zoals de eisen aan de aangemelde instanties, die een toetsende taak hebben in de conformiteitsprocedures, en door het toezicht op die instanties te verbeteren wordt het risico dat niet-conforme producten in de handel worden gebracht, verkleind. Door de stroomlijning wordt ook de inconsistentie tussen de verschillende productrichtlijnen weggenomen.

2. ATEX 137 (Officieel de 99/92/EC) stelt eisen aan de installatie, de werkplek en aan de eigenaar hiervan. Op termijn zal deze norm worden aangepast naar de ATEX 153.

Binnen de ATEX 137 richtlijn is alles vastgesteld voor de gebruiker. Ook wel genoemd de ‘sociale richtlijn’. Hierin ligt vast hoe de eigenaar van de werkplek en dus de installatie-eigenaar, zijn werknemer, de gebruiker van de werkplek, moet beschermen tegen de risico’s van een explosieve atmosfeer.

In artikel 3 van de richtlijn worden de opeenvolgende maatregelen genoemd die een installatie-eigenaar moet nemen:
1. Voorkomen van de aanwezigheid van een explosieve atmosfeer.
2. Indien dat niet mogelijk is: voorkomen van een ontsteking in een explosieve atmosfeer.
3. Indien dat ook niet valt te realiseren: beperken van de gevolgen van een explosie, met name ten aanzien van de gezondheid en veiligheid van de werknemers.